Om nooit te vergeten! 2016

Naar aanleiding van een oproep op Facebook een leuk verslag door Hans Stuifbergen.

Ik heb meegedaan aan de kwart triatlon van Abbekerk op 1 september 2013 en die dag zal ik nooit vergeten.

Begin augustus bedacht ik me dat het leuk zou zijn om een triatlon te doen en na wat zoeken zou er binnenkort een in de buurt zijn. Aangezien ik nogal laat was, was er al een wachtlijst. Na verscheidene malen gemaild te hebben met de organisatie kreeg ik precies een week voor de wedstrijd te horen dat ik toch mee mocht doen.

De voorbereiding klinkt natuurlijk niet goed. Dit werd ook nog versterkt doordat ik alleen maar zwem als ik op vakantie ben, mijn fiets pak ik als ik in het weekend een keertje naar de kroeg ga en hardlopen doe ik alleen op het voetbalveld. De triatlon winnen zal ik nooit doen, dat is duidelijk. Maar mijn doel is de finish te halen, lauter op basis van doorzettingsvermogen. Ik houd er niet van om voor de wedstrijd al te weten dat ik zal finishen in bijvoorbeeld 2 uur en 24 minuten. Dan is het geen uitdaging meer maar slechts een kwestie van zo veel mogelijk trainen en de wedstrijd volbrengen.

Ik had al eerder met dit bijltje gehakt: De 4-daagse van Nijmegen heb ik in 2010 ook voltooid zonder te trainen. Vier dagen lang 50km per dag lopen. Mijn strategie was simpel, elke dag vier broodjes pindakaas, een banaan, twee flesjes AA en een blikje Red Bull. Ondanks veel pijn was het toch vrij eenvoudig om de vier dagen te voltooien. Een jaar later stond de marathon van Amsterdam op het programma. De laatste keer dat ik 10km had gerend was al drie jaar geleden, dus echt voorbereid was ik niet. Dat ik de dag voor de marathon nog twee tennispartijen moest spelen en na afloop nog wat biertjes heb gedronken past natuurlijk ook niet in het ideale voorbereidingschema. De enige voorbereiding was dat ik de hele week pasta had gegeten. Afijn, met vier rolletjes Dextro en een Mars liep ik hem zonder problemen uit in een mooi vlak schema.

Aangezien ik zelf geen wielrenfiets had moest ik de dag voor de wedstrijd nog ergens een fiets huren en ook heb ik snel nog een speedo gehaald. Tot slot heb ik nog wat informatie wat er nu precies van me verwacht wordt. 1.000m zwemmen, 48km fietsen en 10km rennen.

Op de dag zelf ben ik met mijn ouders naar Abbekerk gereden met de fiets achterop de auto. Ik zat in de laatste serie om te starten met het zwemmen. Bij het zwembad aangekomen zag ik dat er meer zwemmers in een baan zwommen, lekker druk dus! Eenmaal in het water kwamen er nog vier mannen in de baan. Allemaal een pak aan, bril op en badmuts op, terwijl ik alleen een Speedo aan had. Mooi contrast! Er werd even overlegd hoelang iedereen zou doen over de 10km zwemmen. “13 minuten”, “14 minuten”, “14 minuten” en “16 minuten”. Toen werd ik aangekeken… “Ik heb geen idee, ik zie wel hoever ik kom.” Op volgorde van tijd gingen we achter elkaar aan zwemmen en ik mocht dus als laatste. Heel erg was dat niet, elke baan die ik zwom hadden de anderen er al twee gezwommen en ik werd dus keer op keer ingehaald. Ik begon met de borstcrawl, maar na twee keer heen en weer te zijn geweest was ik al bekaf. Ik ging verder met de schoolslag en besloot iets rustiger aan te gaan doen. Na verloop van tijd werd ik vermoeider en door al het geklots kreeg ik veel water binnen wat resulteerde in braakneigingen. Na 26 minuten werd ik gelukkig uit mijn leiden verlost. Ik had er 800m opzitten dus ik kreeg wat straftijd mee, maar dat deerde me niet zo.

Snel trok ik een sportbroek en -shirt aan en zette mijn helm op. Ik pakte mijn fiets zwaaide even naar mijn ouders en ging er vandoor. Na het dorp net uit te zijn merkte ik dat mijn trapper vreemde klikte. Nou, het zal wel, dacht ik. Gewoon doortrappen, na zo’n tweee uur zal ik hiermee toch wel klaar zijn. De trapper ging echter steeds losser zitten en na 2km was het zelfs einde verhaal, de trapper lag op straat. Ik was net voorbij de kerk en ik liep terug aangezien daar wat stewards stonden. Ik vroeg of ik ergens een reservefiets kon krijgen, maar ze konden me helaas niet helpen. Daarop belde ik de organisatie voor een reservefiets, maar ook daar ving ik bot. Teleurgesteld belde ik mijn ouders en vertelde dat ik uit de koers lag. Ik zou teruglopen naar de start en zou ze daar over een half uurtje dan wel zien. Onderweg terug kwam ik langs wat toeschouwers waarvan één er met een wielrenfiets stond. Ik liep naar hem toe en stelde mezelf voor. Sjors heette hij en ik legde hem mijn verhaal uit en vroeg of ik de zijne even mocht lenen. Hij moest lachen en zij dat die van hem oud en slecht was. Voor mij was dat geen probleem, als ik maar verder kon. We wisselden telefoonnummers uit en hij vertelde dat hij een paar 100m van de kerk woonde. Ik stapte op en onderweg belde ik verheugd mijn ouders dat ik weer in de race was. Ondanks dat het zadel te laag stond trapte ik lekker door en was het een kwestie van tijd voordat ik klaar zou zijn met fietsen. In mijn laatste rondje was er niemand meer te bekennen, ik was blijkbaar de laatste fietser op het parcours. Na ongeveer tweeënhalf uur fietsen inclusief verloren tijd met een kapotte fiets (17 minuten) kon ik mijn fiets eindelijk aan de kant zetten. Alles was al leeg en iedereen zat al binnen te wachten op de prijsuitreiking.

Voor mij was er geen twijfel mogelijk, doorgaan! De finish zal ik halen! De eerste meters een beetje wankelend rennend begon ik aan het laatste onderdeel. Iemand van de organisatie reed op de fiets met me mee aangezien er geen stewards meer lang het parcours stonden. Hij zei dat ik er nog soepel bij liep. Echter, niet veel later kreeg ik kramp in m’n linkerkuit. Toen ik ging rekken kreeg ik direct kramp in mijn hamstring en toen ik die ging rekken meteen in mijn andere kuit. Blijkbaar had ik even te hard op de trappers gestaan daarvoor en was mijn lichaam daar niet aan gewend. Toen de kramp een beetje was weggezakt ging ik maar weer rustig verder. Na nog twee krampaanvallen gehad te hebben kwam ik uiteindelijk na zo’n 50 minuten rennen over de finish. Mijn totale tijd was 3 uur en 42 minuten. De prijsuitreiking was al afgelopen dus we gingen snel naar huis toe want in Heemskerk was net de kermis begonnen en mijn vrienden wachten op me. Tot in de late uurtjes heb nog doorgefeest in het dorp.

De volgende ochtend stond er een mooi artikel in het NHD waar ik mooi bij naam genoemd werd, dus vol trots stuurde ik het door naar mijn ouders. Na de uitslagen gecontroleerd te hebben bleek dat ik op een paar minuten na laatste was geworden. Als de tijd van de kapotte fiets eraf ging hield ik zelfs nog twee deelnemers achter me! Bij het controleren hoeveelste de zwemmers in mijn baan waren geworden was het ook niet zo vreemd dat ik keer op keer voorbij werd gezwommen. Zij werden 2e, 3e, 6e en 16e.

Hoedanook, dit was echt een prachtige dag die ik dus nooit zal vergeten en weer had ik een uitdaging voltooid!

Groet,
Hans